
Waarom aanpassen je nooit de erkenning geeft die je zoekt
We willen allemaal op een bepaalde manier gezien worden door de buitenwereld. En we doen voortdurend ons uiterste best om ook op die manier over te komen en gezien te worden.
Maar heb je weleens gemerkt en het je gerealiseerd, dat iedereen jou op een andere manier ziet? En dat, hoe hard je ook je best doet om door iedereen gezien te worden zoals jij jezelf ziet en voelt, het je nooit gaat lukken om door iedereen ook op dezelfde manier gezien te worden?
Dat is heel frustrerend om je te realiseren maar het komt niet doordat jij wisselvallig bent of persé omdat jij je als een kameleon aan iedereen aanpast. Het komt vooral doordat iedereen naar jou kijkt vanuit zijn of haar eigen perspectief en perceptie.
Luister het artikel hier op YouTube of als PodCast op Spotify of Apple Podcasts.
Op het moment dat je dat ècht kunt laten landen in je bewustzijn, verandert er iets in je lijf. Er valt een last weg die je waarschijnlijk al zo lang meedraagt dat je het niet eens meer als een last herkende. Je kunt stoppen met altijd maar je best doen om gezien te worden en je beste beentje voor te zetten. Het enige wat je hoeft te doen is gewoon oprecht en jezelf te zijn.
Je kunt stoppen met proberen bij iedereen tegelijk dezelfde indruk te maken. Je kunt stoppen met te reageren op elke blik, elke stilte, elke interpretatie die iemand anders van jou maakt. En oh,... dat geeft rust!
Niet in de zin van 'het kan me niets meer schelen', maar de gemoedsrust van de wetenschap dat jij niet verantwoordelijk bent voor de lens waardoor iemand anders naar jou kijkt. Je kunt de verantwoordelijkheid loslaten die toch al nooit van jou was om te dragen.
Ik snap dat dit wel een beetje makkelijk klinkt als je dit zo hoort. Dus hoe dit precies zit en hoe je er minder mee bezig kunt zijn hoe anderen jou zien, zodat je gewoon jezelf kunt zijn zoals jij dat wilt, daar wil ik het vandaag met je over hebben.
Wat er echt gebeurt als iemand naar je kijkt
Niemand ziet jou volledig puur en onbevangen. Dat klinkt confronterend, maar het is geen oordeel, het is gewoon hoe waarneming werkt.
We kijken allemaal een voor een naar de wereld en de mensen om ons heen door een lens die is opgebouwd uit alles wat we hebben meegemaakt. Onze jeugd, onze teleurstellingen, onze eigen relatie met onszelf. Deze lens filtert alles wat je ziet, nog voordat je er bewust over nadenkt. Je zenuwstelsel doet dat automatisch en sneller dan je verstand het kan bijbenen: het scant, het herkent, het reageert en pas daarna komt er een verhaal bij in je hoofd, dat die reactie wil verklaren.
Dus de manier waarop iemand jou ziet en naar jou kijkt, misschien een oordeel over jou vormt of bepaalt of iemand jou mag of niet, wordt voor een heel groot deel bepaald door wat er wordt teruggekaatst van wat er in henzelf leeft. En nog verder teruggebracht, door hun zenuwstelsel. Niet door wie jij bent.
Het fysieke proces van hoe we ons verhouden tot elkaar
Onder al die verhalen en interpretaties die je hoofd ervan maakt, gebeurt er eigenlijk iets dat nog veel meer primair is. We weten volgens mij allemaal wel dat we energetische wezens zijn en dat we als mens helemaal zijn terug te brengen naar het feit dat we pure energie zijn.
Ons zenuwstelsel is de antenne, of de voelsprieten. Wanneer we contact hebben met andere mensen hebben deze voelsprieten, voordat er ook maar een gedachte is, al iets geregistreerd bij de ander; een spanning, een opening, een dreiging, een rust.
Dat gebeurt met mimieken in het gezicht, lichaamshouding en het aanvoelen van de energie en golflengte van de ander op dat moment.
Dat is geen zweverig gedoe maar een fysiek proces: je lichaam leest en stemt voortdurend af op de staat van het zenuwstelsel van de ander, en de ander doet dat automatisch ook bij dat van jou. Dit is waarom je bij de één binnen drie seconden kunt ontspannen en bij de ander je adem inhoudt en je schrap zet, nog voordat je de ander leert kennen of er een woord is gesproken.
Twee zenuwstelsels die elkaar ontmoeten, trekken elkaar aan of stoten elkaar af, afhankelijk van wat ze in elkaar herkennen. Een gereguleerd zenuwstelsel voelt voor de één als veiligheid en voor de ander als een spiegel die te scherp is. Die aantrekking en afstoting gebeurt allang voordat er een gedachte, een mening of een woord aan te pas komt.
Dezelfde jij, ander verhaal
Zodra je erop gaat letten, zie je dit patroon overal terug.
Voor mensen die zelf bewust bezig zijn met hun persoonlijke groei en ontwikkeling, misschien aan het helen zijn, ben je inspirerend. Maar voor mensen die liever weglopen voor hun gevoelens en misschien allerlei manieren gebruiken om die gevoelens te verdoven, ben je bedreigend omdat zij getriggerd raken door wat je zegt of doet. Terwijl jij in beide gevallen precies hetzelfde deed.
Voor mensen met gezonde grenzen en een stevig gevoel van eigenwaarde, ben je gezond. Voor mensen zonder grenzen, die nooit hebben geleerd nee te zeggen, ben je egoïstisch. Diezelfde grens die jij trekt, bijvoorbeeld het rustig aangeven dat je vanavond geen zin hebt om te praten, kan door de één ervaren worden als volwassen, en door de ander als afwijzing.
Voor mensen met een veilige hechting of mensen die gewoon stevig in zichzelf staan, ben je authentiek. Voor mensen die onzeker zijn over zichzelf, ben je 'te veel'. Dezelfde uitgesproken mening, dezelfde volle lach, dezelfde ruimte die je inneemt.
Voor mensen die zichzelf vaak wegcijferen, voelt jouw zelfrespect als een verwijt. Niet omdat jij iets zei over hen, maar omdat jouw grens hen laat zien wat zij zelf eigenlijk nog niet durven.
En voor mensen die hun eigen groei belangrijk vinden, ben jij iemand die zich ontwikkelt. Voor mensen die bang zijn voor verandering, ben je gewoon veranderd, of 'niet meer jezelf'. Alsof groeien betekent dat je van je pad afgaat, in plaats van dat je juist meer jezelf wordt.
Zie je dit patroon? Het gaat nooit echt over jou. Het gaat over de capaciteit van de ander en of diegene de persoonlijke ruimte heeft om te verdragen wat jij hen laat zien en spiegelt.
Stel je voor dat je een vergadering hebt. Jij benoemt rustig dat een plan niet klopt, zonder aanval, gewoon een observatie. De één in de ruimte voelt opluchting, zoals hè hè, eindelijk zegt iemand het. De ander voelt zich betrapt, of aangevallen bijna, en wordt kortaf. Jij deed één ding. Er ontstonden twee volledig verschillende werkelijkheden en geen van beide zegt iets over wat jij daar zojuist deed.
De verschuiving
En hier verandert het verhaal, want zolang je denkt dat de reactie van de ander iets zegt over jouw waarde, blijf je jezelf bijstellen en aanpassen. Je blijft jezelf kleiner maken bij de één, harder worden bij de ander. Altijd bezig met het managen van de reacties van anderen, terwijl je nooit kunt landen in wie jij zelf werkelijk bent. Nooit echt jezelf kunt zijn.
Maar de manier waarop iemand op jou reageert, zegt iets over de plek waar hij of zij zelf staat. Niet over de plek waar jij staat. De trigger van een ander is een signaal van zijn of haar eigen wond, en is dus geen be- of veroordeling van jouw karakter of wie jij bent als persoon.
Dat betekent niet dat je niets hoeft te geven om anderen, dat je egoïstisch bent of alleen maar aan jezelf denkt. Het betekent ook niet dat je niets meer mag doen als iemand kil reageert of afstand neemt. Het betekent dat je het niet langer meteen op jezelf hoeft te betrekken, als bewijs dat er iets mis is met jou.
Dit vraagt iets van je. Het vraagt dat je jezelf zo goed leert kennen, van binnenuit, niet via de blik van een ander, dat een andere reactie je niet meer uit balans brengt. Niet omdat het je niets meer kan schelen, maar omdat je weet wie jij bent en dat voor jou op nummer 1 staat. Ook als iemand anders dat even niet, of niet zo helder, ziet.
Dit is echt iets anders dan onverschillig worden. Onverschilligheid is defensie, wat werkt als een muur en een keiharde grens. Als je echt stevig in jezelf staat en de reactie en leert het gedrag van anderen niet meer zo op jezelf te betrekken, dan blijf je open en zacht zelfs. Voor jezelf en voor anderen. Maar je ontleent jouw eigenwaarde en zelfrespect niet meer aan de blik van een ander. Je bent geworteld in jezelf. En van daaruit kun je een ander wél zien, maar zonder jezelf erin te verliezen.
Waarom dit zo moeilijk is om vast te houden
Als dit zo simpel klinkt, waarom lukt het dan zo weinig mensen om dit vast te houden?
Omdat we vaak zijn opgegroeid met het idee dat de blik van een ander alles over ons zegt. De meesten van ons hebben vaak al heel vroeg geleerd, in het gezin waarin we opgroeiden, dat de reactie van een ander wél iets zei over onze waarde. Een fronsende blik van een ouder betekende: ik doe iets fout. Stilte na een uitspraak betekende: ik had beter mijn mond kunnen houden. Zo raakte de blik van de ander verweven met jouw gevoel van eigenwaarde, en die verwevenheid laat zich niet in één keer ontrafelen omdat je nu, als volwassene, met je verstand begrijpt.
Je lichaam heeft dit patroon jarenlang ingeslepen als een overlevingsstrategie: pas je aan, blijf klein, zorg dat de ander tevreden is, dan blijf je veilig. Dat was op een gegeven moment misschien ook waar, want als kind had je die aanpassing soms nodig om verbonden te blijven. Maar wat ooit bescherming was, is nu je kooi geworden.
Als je jezelf blijft uitleggen
Er is een verschil tussen uitleggen omdat je iets wilt verhelderen (liefde), en uitleggen omdat je niet kunt verdragen dat de ander je nog niet begrijpt (angst).
Jezelf uitleggen vanuit liefde doe je één keer, misschien twee keer, en dan laat je het los. Jezelf uitleggen vanuit angst doe je net zo lang tot je een reactie krijgt die goed genoeg voelt en jou geruststelt, een teken dat de ander het nu écht snapt, dat het nu écht goed zit tussen jullie. En zolang dat teken uitblijft, blijf je zoeken naar andere woorden, een andere invalshoek, een nieuwe poging om de ander het te laten zien zoals jij het ziet.
Wat daar eigenlijk onder zit, is het gevoel niet volledig gezien te worden. Niet begrepen te worden zoals je het bedoelde, zoals je het voelde. En dat is een kwetsbaar gevoel om bij stil te staan want het raakt aan iets veel ouders en ook iets vertrouwds:
het verlangen dat de ander jou helemaal ziet zoals jij jezelf ziet.
Maar hier ligt ook de sleutel. Je hoeft niet te wachten en te hopen tot de ander jou volledig begrijpt, voordat jij jezelf oké mag voelen. Dat is een volgorde die je jarenlang misschien onbewust hebt aangehouden: eerst moet de ander het snappen, dan pas kan ik ontspannen. Maar die volgorde mag je nu gaan omdraaien.
Als je van binnenuit voelt dat jij oké bent, met je intentie, met wat je zei, met wie je bent, dan heb je de erkenning van de ander niet meer nodig voor jouw gemoedsrust. Ook als de ander je op dit moment niet helemaal kan ontvangen zoals jij het bedoelde. En ook als er een misverstand blijft hangen dat jij niet meer kunt gladstrijken.
Dat is geen onverschilligheid. Het is de verantwoordelijkheid voor de lens van de ander terugleggen waar die hoort: bij de ander. En dit scheelt je echt een hele hoop moeite en energie. Energie die je nu misschien besteedt aan het steeds opnieuw uitleggen van jezelf, kun je laten voor wat het is omdat je een ander niet meer nodig hebt om te weten en te voelen dat jij oké bent. Wat de ander ook denkt of voelt.
Het verschil tussen geruststellen uit liefde of uit angst
Er is een groot verschil tussen deze twee zinnen, die je niet eens hardop hoeft uit te spreken maar het gaat erom dat je het verschil voelt. Ook al lijken ze bijna hetzelfde:
"Ik leg het nog even uit, omdat deze relatie/ vriendschap me veel waard is." Of
"Ik leg het nog even uit, want anders vindt de ander me lastig, of nog erger: niet aardig"
Het eerste komt uit een gevoel van ruimte en vertrouwen in jezelf. Het tweede uit een gevoel van moeten en wantrouwen voor jezelf omdat je ergens voelt dat je de geruststelling van de ander nodig hebt. Dat je het nodig hebt dat de ander jou aardig blijft vinden. Ook als dat ten koste gaat van jezelf.
Vanuit liefde uitleggen voelt in je lijf ongeveer zo: je borst blijft open, je stem blijft rustig, en als de ander het toch niet aanneemt, voel je misschien teleurstelling, maar geen paniek. Je blijft verbonden met jezelf terwijl je spreekt.
Vanuit angst geruststellen voelt anders: Je voelt een lichte druk achter je ribben, een gejaagdheid in je woorden, een behoefte om het gesprek af te sluiten met een goed gevoel bij de ander, koste wat het kost. Je bent op dat moment niet meer bij jezelf, je bent bij de ander. Je scant het gezicht, toon, woordkeuze, op zoek naar het signaal dat het nu echt goed is. En vaak, hoe hard je ook je best doet, blijft dat signaal net buiten bereik, puur omdat het probleem nooit bij jouw uitleg lag.
Het verraderlijke is dat beide vormen er vanaf de buitenkant precies hetzelfde uitzien. Dezelfde woorden, dezelfde rustige toon zelfs. Het verschil zit alleen vanbinnen: waar kom je vandaan als je het zegt? Kom je vanuit ruimte, of kom je vanuit overleving?
Wat je niet hoeft te doen is een ander nooit meer geruststellen. Wat je wel mag doen is weten en je bewust worden vanuit welke plek je het doet.
Wat dit voor jou betekent, in het hier en nu
Denk eens aan iemand bij wie je jezelf kleiner maakt. Bij wie je een grap inslikt, een grens laat verwateren, een mening voor je houdt.
- Vraag jezelf af: pas ik mezelf hier aan omdat het klopt met wie ik ben, of omdat ik bang ben voor de lens waardoor deze persoon naar me kijkt?
- En: wat zou ik zeggen, doen of voelen als ik wist dat de reactie van de ander iets zegt over hem of haar en niets over mijn waarde?
Je hoeft het antwoord niet meteen om te zetten in actie. Het is genoeg om het te zien. Om te merken waar je nog toestemming vraagt voor iets waar je geen toestemming voor nodig hebt.
Een paar aanknopingspunten om dit dichterbij te brengen:
- Merk het op in je lichaam. De volgende keer dat iemand een wenkbrauw fronst, kort antwoordt, of afstand lijkt te nemen, voel wat er in jouw lijf gebeurt vóórdat je verhaal erbij maakt. Een samentrekking in je buik. Een neiging om iets terug te nemen wat je net zei. Dat is het moment. Niet om het weg te duwen, maar om het te herkennen als jouw oude patroon, niet als bewijs.
- Onderscheid de feiten van het verhaal. "Hij keek kort" is een feit. "Hij vindt me te veel" is een verhaal dat je erbij maakt, vaak razendsnel en onbewust. Leer die twee uit elkaar te halen. Niet om het verhaal te negeren, maar om te zien dat het van jou is, niet van de werkelijkheid.
- Laat de reactie van de ander bij de ander. Dit is geen onverschilligheid, het is teruggeven wat niet van jou is. Je mag geïnteresseerd zijn in wat er in de ander omgaat, zonder het over te nemen als jouw verantwoordelijkheid om op te lossen.
En soms ben jij die lens
Het is heel makkelijk om dit te luisteren en te denken: dus andere mensen kijken door de lens van hun eigen pijn naar mij, en ik heb daar niets mee te maken. Dat klopt, maar het is niet het hele plaatje.
Want jij doet het ook. Bij iemand anders.
Er is vast wel iemand in jouw leven bij wie jij sneller een grens voelt dan bij een ander, terwijl diegene misschien niets anders zegt dan wat een ander ook zou zeggen. Er is iemand bij wie een neutrale opmerking bij jou meteen een oud gevoel triggert van niet gezien worden, van gecontroleerd worden, van tekortschieten. Dat is jouw lens. Dit is niet minder waar dan de de lens van de ander, en niet minder menselijk.
Dat besef is geen reden om jezelf te veroordelen. Het biedt je juist de kans om zachter te worden, niet alleen richting jezelf maar ook naar de ander. Want als jij weet hoe het voelt om vanuit je eigen pijn naar iemand te kijken, en die ander daar onterecht op af te rekenen, dan wordt het makkelijker om te begrijpen dat de ander die boos werd, ook gewoon door zijn of haar eigen lens keek. Niet omdat hij of zij een slecht mens is maar omdat zij, net als jij soms, even niet konden zien wat er werkelijk gezegd werd.
Dat wederzijdse maakt het minder een verhaal van "ik heb gelijk en alle anderen zitten vast in projectie" maar in de zin van: we kijken allemaal, altijd, door een lens die van onszelf is. Ik ook en jij ook. Dat besef maakt dat we het oordelen kunnen loslaten en ruimte kunnen maken voor iets vriendelijkers, richting de ander, en richting jezelf.
Terug naar jezelf
Mensen zien niet wie je bent. Ze zien jou door de lens van hun eigen wonden, overtuigingen en capaciteit om jou te verdragen.
Je enige taak is om zo diep jezelf te worden, dat je niet langer voelt dat je toestemming nodig hebt om gezien te worden of jezelf te zijn.
En dat is geen eindpunt dat je op een dag bereikt en waarna het klaar is. Het is een oefening die je telkens opnieuw doet, bij elke blik, elke stilte, elke interpretatie die er even inhakt. Het gaat er niet om het perfect te doen, maar om het steeds sneller te herkennen en sneller te leren schakelen. Tot het op een dag niet meer als een oefening meer voelt, maar het gewoon is wie je bent.
Als je deze verschuiving verder wilt voelen en niet alleen begrijpen, dan is de OntpopCast+ aflevering bij dit artikel een mooie volgende stap. Daarin neem ik je mee in een laag dieper in waarom aanpassen je eigenlijk nooit de erkenning geeft die je zoekt. En als Ontpop Insider krijg je dan ook meteen toegang bij tot alle eerdere en toekomstige OntpopCast+ afleveringen, vanaf aflevering 130.
En mocht je merken dat dit thema dieper zit dan één artikel of aflevering kan raken en dit ook meester wilt worden, dan is mijn programma Stevig op Jezelf Staan er om je daar stap voor stap doorheen te begeleiden.
Voor nu is het genoeg om te weten dat jij niemand meer hoeft te overtuigen van wie je bent. Jij mag gewoon jezelf zijn.
Liefs Fanny











